Menu Sluiten

De aantrekkings – kracht – van het water

Ik faal nog steeds in het vroeg naar bed gaan, en zet daarmee de voorzet voor het falen van het vroeg opstaan. Maar het wordt niet echt donker in de nacht. De uren die ik mis in de ochtend haal ik weer ruim in als de avond begint. Terwijl de meeste mensen hun plekje op de camping of in het hotel gevonden hebben ben ik nog onderweg. Ook nu ben ik pas weer laat op pad. Omdat het op de route ligt kan ik het niet laten om even te stoppen bij de Goðafoss.

Mijn mond valt open van verbazing. Het is druk. En niet een beetje druk, maar gewoon vol. Ik loop naar de waterval, en zie dan dat veel van de aanwezigen een stikkertje met nummer op hun kleding hebben. Dit keer lopen er mensen met nummers tussen 20 en 25 rond. Wel handig, dan weten ze bij welke groep ze horen, al zullen enkele alsnog verdwalen of gaan twijfelen. Het pad ligt vol met labeltjes varierend tussen 20 en 25. Ik loop eerst even naar het laagste punt. Ik kijk liever op dan neer op een waterval. Ik sta zelfs graag in de nevel van een waterval, behalve als ik hem wil fotograferen. Dan mag die nevel even de andere kant in afslaan.

Wanneer ik klaar ben aan de voet van de waterval loop ik toch maar even naar het achterste uitkijkpunt. Ik heb een hekel aan die betonnen paden in de natuur. Het haalt toch een deel van de beleving weg.

Dan zie ik een oudere man met een rolstoel, een iets minder oude vrouw met een scootmobiel, en een man die ondersteund wordt door een jonger persoon snap ik dat het voor deze category mensen een zegen moet zijn dat ze niet over een ongelijk zandpad hoeven.

Ik heb nog steeds een hekel aan die betonnen banen, maar voor deze mensen is het een uitkomst.

Een vrouw in een rolstoel met de meest fleurige kleding die ik ooit zag, baant zich voortgedreven door een soort mini scootmobiel door de drukte. De kleuren van haar kleding gaan bijna naadloos over in haar haar. Het is een prachtige verschijning, de vrolijke noot van het gezelschap. Even overweeg ik te vragen of ik een foto mag maken. Ik doe het niet, misschien zou ze het een compliment vinden, maar misschien wil ze ondanks haar kleurrijke uitdossing opgaan in de grijze massa. Ik kijk, ik geniet, maar maak ook geen stiekeme foto. Ik zal me deze verschijning gewoon moeten herinneren.

Van de kleurrijke vrouw ga ik over naar de kleur van het water. Het was me natuurlijk wel eerder opgevallen, maar het water is redelijk blauw van kleur. Dat maakt me weer gelukkig omdat ik verwacht dat de stroomopwaarts gelegen Aldeyjarfoss ook blauw zal zijn.

Bij de Aldeyjarfoss

Dat valt dan weer wat tegen. Het watergeweld is gigantisch, maar de kleur is grijs bruin. En er is ook zoiets als een overdaad aan water. Bij de Aldeyjarfoss is er een ideale hoeveelheid water voor het maken van een foto die alles heeft. Bij de juiste hoeveelheid water in combinatie met de juiste techniek kun je een golfpatroon ontdekken in het uitwaaiende water. Ik geniet nog steeds van de schoonheid van de waterval, want volgens mij is dit de mooiste, of in ieder geval meest tot de verbeelding sprekende waterval. Ik fotografeer, ik observeer en raak in een soort trance van het vallende water. Waarschijnlijk zal iedereen dat wel eens doen, een deel van het water proberen te volgen in de onvermijdelijke weg naar beneden. En dan weer en weer. Mijn advies als je dat doet, ga eerst even zitten, want enige duizeligheid is bij deze manier van kijken onvermijdelijk. Misschien lijkt het meer op een soort beginnende aangeschoten gevoel.

Na de Aldeyjarfoss heb ik nog een waterval die ik dit keer graag ga bekijken.De Hrafnabjargafoss. Even later sta ik op het ideale punt op de waterval te fotograferen. Het zou in ieder geval het ideale punt kunnen zijn, waren het niet dat het vrijwel onmogelijk is een foto te maken zonder nevelspatten op de lens te krijgen. Nou ja, het lukt bijna, en daar moet ik het dan mee doen. Gelukkig is het lang licht, zolang dat ik de tijd vergeet. Als ik bij de camper aankom moet ik nog koken en eten. De dichtstbijzijnde camping is nog een uur rijden. Ik maak de afweging, blijven staan of naar een camping rijden. Ik blijf staan, al heb ik het vermoeden dat ik dat eigenlijk al wist. Ik blijf nog lang de wolken in de gaten houden in de hoop dat het licht nog interessant wordt. Ik kijk op de klok… Misschien morgen. Ik doe de gordijnen dicht en kruip het bed in.

 


Dan nog even dit

Bedankt voor het lezen van dit bericht. Als schrijver en fotograaf vind ik het belangrijk en fijn om wat feedback te krijgen. Al zijn het maar twee of drie woorden. Een like is natuurlijk al leuk, maar een paar woorden over hoe je het vond zijn een boost voor mijn motivatie om met plezier te blijven schrijven.
Alvast bedankt!


Lees ook de nieuwste publicatie van Gerry van Roosmalen:
In het spoor van het licht.
Een boek met overpeinzingen, inzichten en een schepje humor.
Waargebeurde verhalen langs een fictieve reis

Bestel hier

Gaan we het halen, of…

Het hele jaar door, maar natuurlijk extra in de periode dat de nachten langer worden, is reizen in IJsland nooit vanzelfsprekend. Er zijn veel verschillende oorzaken die roet in “je” eten kunnen gooien. Zo nu en dan krijg je bijvoorbeeld een Jökulhlaup, waarbij een enorme hoeveelheid water van onder een gletsjer weet te ontsnappen en zo delen van de weg of een brug in hun niets ontziende stroom meeneemt. Soms laat een vulkaan een boertje, wakkert de wind aan tot stormkracht of wordt half IJsland geteisterd door sneeuw en ijs. Reizen in IJsland vraagt aan de reiziger soms wat flexibiliteit.

Zo wist ik al in de eerste week dat ik in IJsland was dat veel van mijn plannen niet door konden gaan. Hevige regen en sneeuwval was voor de wegbeheerders voldoende reden om veel wegen in het binnenland af te sluiten. Als in oktober de wegen worden afgesloten wordt de kans erg klein dat ze dat jaar nog opengaan. Meestal wordt dat begin juni van het volgende jaar. Tegen beter weten in keek ik nog regelmatig op de website waarop de informatie hierover te vinden is, en steeds zag ik hetzelfde beeld. Alle wegen naar het binnenland waren rood gemarkeerd. Rood staat voor “afgesloten”.

De weg naar misschien wel de mooiste waterval van IJsland, de F26, beter bekend als de Sprengisandur, en de weg die langs de Aldeyjarfoss leidt hoorde daar ook bij. De internetkaarten van de wegbeheerders zijn niet zo gedetailleerd dat je de afsluitlocatie precies kunt aanduiden. Neem je de afslag, en rijd je 42 kilometer om erachter te komen dat je nog vijf kilometer moet wandelen, of geef je het aan het begin maar vast op?

[singlepic id=1096 w=750 h=501 float=center]

Doen we het, of doen we het niet?

Na even stil te hebben gestaan bij de Goðafoss, een waterval die dezelfde bron, heeft als de Aldeyjarfoss, de rivier Skjálfandafljót, nemen we het risico. En eerlijk is eerlijk, op de spanning na of de weg nu open of dicht is, is het geen straf om de route te rijden. Hoewel ik in IJsland bijna blindelings naar de volgende locatie kan rijden, laat ik TomTom altijd even meekijken, al is het maar om te weten hoeveel kilometer ik nog voor de boeg heb.

Ik ben erg verbaasd als deze mij na ongeveer twintig kilometer een brug over wil sturen. Ik weet toch zeker dat ik aan de oostzijde van de rivier moet blijven, maar tomtom zegt… Ik ben niet zo heel moeilijk aan het twijfelen te brengen, maar ik besluit toch mijn eigen weg te volgen. Tomtom blijft de rest van de weg volhouden dat ik om moet draaien en voegt steeds enkele kilometers toe aan de af te leggen route. Ik breng de Tomtom tot zwijgen en rijd stug door.

Hoewel je de weg gewoon moet blijven volgen weet ik dat je even moet opletten. Als je de weg namelijk echt blijft volgen rijd je bij de juiste afslag gewoon het erf van een boerderij op. Als je dat weet, en je blijft bij de les kan het niet misgaan.

Een flinke wandeling wacht ons. Of niet?

Bij de afslag aangekomen zie ik ver beneden ons een brug. Dit is de plek waar ik verwacht dat de weg is afgesloten. Een geparkeerde auto even voorbij de brug bevestigd mijn vermoeden. Dat wordt nog een behoorlijk stuk lopen. Bij de geparkeerde auto aangekomen wordt de door mijn vermoedde bevestiging ontkracht. Geen afgesloten weg, we kunnen gewoon verder.

Niet veel later zetten we de auto vlak bij de Aldeyjarfoss stil. Voor ik uitstap kan ik het niet laten mijn Tomtom nog even aan te zetten. Ik spreek mijn tomtom vermandend toe: “zie je nu wel”, en zet haar weer uit. Ik weet niet of mijn Tomtom mannelijk of vrouwelijk is, maar ik heb hem ingesteld met een vrouwenstem omdat ik nu eenmaal beter met vrouwen dan met mannen kan communiceren.

De mooiste patronen in water, rots en lucht

Het is niet de eerste keer dat ik bij de Aldeyjarfoss stond, maar dit keer is hij echt prachtig. Het water heeft net de juiste cadans om perfecte cirkels met een mooie onderlinge afstand in het water te tekenen. Krachtig, met de juiste tussenposen lijkt het water schoksgewijs neer te komen. Ruig vulkanisch gesteente afgewisseld door perfect gepositioneerde kolommen van basalt scheppen mooie patronen die nog eeuwen stand gaan houden. De patronen in de wolken blijven bestaan tot een veranderende wind anders besluit. De patronen in het blauwgroene water… Een keer knipperen met je ogen, en ze zijn weer anders.

[singlepic id=1091 w=750 h=501 float=center]

 

[singlepic id=1092 w=750 h=501 float=center]

De Hrafnabjargafoss

Hoe ver kan het nog zijn tot aan de Hrafnabjargafoss? Hemelsbreed is het slechts 2,5 kilometer. Nu we toch hier zijn willen we ook deze waterval gaan bewonderen. De waterval staat al langer op mijn lijstje. De exacte afstand naar de Hrafnabjargafoss weet ik zo niet, maar ik hoop alleen maar dat de weg tot aan deze waterval open is. Na een paar kilometer zie ik een bord met daarop de naam van de waterval. Rechtdoor is de weg afgesloten. Hier eindigt de route voor de komende tijd, maar wij slaan linksaf en rijden over een nogal onduidelijke weg steeds dichter naar de waterval.

De laatste twee of driehonderd meter gaan we te voet verder. Bijna onzichtbaar voor onze ogen heeft een flinterdunlaagje ijs zich aan de rotsen vastgezet en daardoor een bijna onneembare hindernis opgeworpen. Voor de mooiste foto’s zal ik gebruik moeten maken van de crampons. Ans loopt even terug naar de auto om ze te halen, en ik begin alvast met het maken van wat foto’s.

Even later bind ik de crampons onder mijn schoenen en kan ik de gladde rotsen, nog steeds met het in acht nemen van de grootste voorzichtigheid, beklimmen. Ik ben eens een keer wat overmoedig geweest, en heb daar wijze lessen uitgetrokken. Nadenkend bij iedere stap vind ik een goed standpunt voor het maken van wat plaatjes. Natuurlijk blijft het mooiste standpunt toch onbereikbaar, maar ik wil geen risico nemen en beperk me tot de plaatsen waar ik mezelf veilig acht.

[singlepic id=1093 w=750 h=501 float=center]

We lopen nog een klein stukje stroomafwaarts langs de Skjálfandafljót waar nog tal van fotogenieke plekjes te vinden. Wachtend op de juiste omstandigheden en het juiste licht zou je hier een hele week kunnen houden. Daarbij zou je steeds weer nieuwe invalshoeken ontdekken en thuis kunnen komen met talloze foto’s van deze bijzondere rivier met zijn watervallen. Nu beperken we ons tot wat de dag ons aanbiedt, en dat is meer dan ik me kon wensen.

[singlepic id=1095 w=750 h=501 float=center]

En vergeet de details niet…

[singlepic id=1094 w=750 h=501 float=center]