Vanaf het vliegveld is het een korte rit naar het hete bronnengebied Gunnuhver. Het is één van de hetebronnen gebieden die me vanaf het eerste moment dat ik het zag, en iedere keer dat ik er weer terugkwam wist te fascineren. De exacte plek waar de stoom de grond verlaat is al verschillende keren verplaatst. Soms, zonder waarschuwing stopt de bron om vervolgens op een andere plek weer te gaan spuiten. Het is niet iets dat iedere dag gebeurt, maar in de vijfentwintig jaar dat ik IJsland bezoek al drie keer.
Ik stond hier bij storm, bij regen, in de sneeuw en zoals nu bij perfect mooi, lees interessant, weer. Voor mij moet het dit keer een helende bron zijn. Het is een paar uur geleden dat ik Ans op het vliegveld achterliet, en ik heb even iets positiefs nodig om me weer op de rit te krijgen. Na vijf weken intensief samen genieten van IJsland, moet ik dat nu weer alleen doen.
De vraag is, geniet ik dan nu maar half, of moet ik gaan compenseren en dubbel genieten?
De hete bron Gunnuhver
Gunnuhver helpt me daarbij. Al snel ben ik aan het zoeken naar mogelijkheden en technische details om de foto‘s zo te krijgen als ik ze wil. Wat ik niet onder controle heb zijn de andere bezoekers die ook graag op de mooiste plekjes willen gaan staan voor hun foto‘s of filmpjes. Wanneer het even te druk wordt ga ik ergens in een hoekje staan of op een bankje zitten en probeer ik de gemoedstoestand van de bezoekers in te schatten. De gemiddelde bezoeker is gefascineerd en kijkt vol ontzag naar de stoom die uit de bron ontsnapt, anderen zien de bron niet eens, maar laten hun partner foto‘s maken met zichzelf in de hoofdrol en Gunnuhver als een rekwisiet. Kinderen houden het een paar minuten vol, en beginnen dan wat te jengelen dat ze wel weer klaar zijn. (niet alle kinderen). Mensen met veel fotoapparatuur bij zich kijken ernstig en zijn druk met de techniek om de bron zo mooi mogelijk te fotograferen, waarbij het soms lijkt alsof ze enkel oog hebben voor de techniek en niet voor de omgeving.

Achtergrond informatie is verhelderend
Ik zie een kind van een jaar of acht, spelen met een bolletje wol. Een korte blik naar links, en ik zie iemand, waarschijnlijk zijn vader die instructies geeft wat het kind moet doen. Beide hebben er plezier in. Voor wie het verhaal achter Gunnuhver niet kent zal het een vreemde situatie zijn. Wie de moeite heeft genomen het informatiebord te lezen, of even google te raadplegen kent de legende van de hete bron.
In de momenten dat het weer wat rustiger is, zet ik ook weer mijn ernstige gezicht op en begin weer met het maken van foto‘s. Recht achter de richting waar de stoom door de wind wordt heengedreven hangt een donkere wolk. De stoom die vandaag in mooie aaneengeschakelde wolken de grond verlaat, lijkt bijna naadloos in de donkere wolken te worden opgenomen. Dan zijn er ook nog de plekken waar je de bron niet kunt zien, maar wel de stoom. Die plekken verbergen ook de vlonders en de bezoekers zodat ik me daar kan voelen als de enige reiziger in een surrealistisch landschap.

Brimkettil het bad van Oddný
Nadat ik mijn inspiratie voor hete bronnen heb opgebruikt is het tijd voor golven en rotsen. Niet ver van de hete bronnen kom ik aan bij Brimkettil. Het is even zoeken naar een parkeerplekje. Het zijn van die momenten dat het ook fijn is om met een 4×4 te rijden. Een stukje parkeerplaats bestaat uit erg los zand. Niemand zet daar de auto neer en daarmee heb ik dan toch ruimte genoeg.

Ik twijfel even of ik mijn fototas mee moet nemen. Brimkettil is voor mij een oude bekende, en ik kan me niet voorstellen dat ik hier nog een foto kan maken die niet in mijn archief zit. Toch gaat de tas mee, je weet tenslotte maar nooit. Op het uitkijkplatform is het redelijk druk, dus ik begin maar weer met mensobservaties. Hier staan minder mensen met serieuze camera‘s. Eigenlijk ben ik de enige, maar mijn camera zit nog in de rugzak. Ik wil eerst even acclimatiseren en kijken of ik iets bijzonders zie dat ik voorheen heb gemist. De mensen menigte is druk bezig met het maken van selfies en foto‘s van elkaar. En eerlijk gezegd is dat soms hilarisch om te zien. Nu moet iedereen natuurlijk zelf weten wat hij of zij doet, maar je ziet soms mensen in poses gaan staan die ik zelf niet zo snel zou kiezen. En de gezichten die ze erbij trekken lijken misschien heel blij, maar ik denk dat veel van de gemaakte foto‘s straks toch in de digitale prullenbak verdwijnen voordat anderen ze gaan zien. Ik hoop dat in ieder geval voor die “anderen.“
Dan kun je enkel afdruipen
Een klein groepje jonge jongens, een beetje in de stijl van kijk mij stoer zijn, is ook nadrukkelijk aanwezig. Niet storend of zo, maar gewoon nadrukkelijk. Wanneer een van de mannekes het uitkijkplatform wil verlaten komt er net een golf in een inham die parallel loopt met de loopbrug. Ik kijk op het juiste moment en zie hoe de miljoenen opgespatte druppels water allemaal het manneke als doelwit hebben gekozen. Hij had niet natter kunnen zijn als hij gewoon in het water gesprongen was. Even is het helemaal stil. Dan stijgt er een enorm gelach op uit de menigte, en het manneke lacht mee. Druipend loopt hij naar de groep toe, waar de ene zijn droge T-shirt afstaat aan het natte manneke, en een iets ouder persoon hem zijn jas aanreikt. Een mooi gebaar van zijn mede reisgenoten.
Net als het manneke, druipt de hele groep nu af, en geïnspireerd door het wilde water pak ik op een veilige plek mijn camera uit de tas. Ik concentreer me op hoge golven bij de Brimkettil zelf, maar die komen niet op commando, of zijn te klein. Na een tijdje kan ik enkel tot de conclusie komen dat de hoek waarin de golven op de kust slaan niet goed is om het badje Brimkettil hard genoeg te raken.
Meer volgers dan ik hebben kan
Nu ik het platform al een tijdje voor mezelf heb geef ik mezelf de tijd om goed om me heen te kijken. Een stukje verderop zie ik hoe golven zich te pletter slaan tegen de kliffen, en daarmee het water tot grote hoogte de lucht in smijten. Nog even kijk ik rond. Ik houd niet van “volgers,“ en helaas gebeurt me dat erg vaak. Je oog valt op iets bijzonders, en zodra je erheen loopt, zijn er altijd weer mensen die je gaan volgen. Ik kijk om me heen. Ik ben alleen. Ik pak mijn spullen en loop in de richting van de opgestuwde golven. Van hoogte kijk ik op het watergeweld. Zodra ik een paar foto‘s heb gemaakt begrijp ik dat als mijn foto‘s moeten spreken, ik zelf lager moet gaan staan. Ik kijk nog een keer om me heen en zie een mensloos landschap. Snel daal ik af, en even later sta ik beschut van wind en blikken op de bijna ideale plek.

Nu is het moment daar om de juiste golf op het juiste moment vast te leggen, want niet iedere golf doet wat ik van hem verwacht, maar zo nu en dan komt er een golf die over een grote lengte uiteenspat in de branding, maar waarvan een klein deel, als een heuse ballerina een pirouetje draait rondom een rots. Of ben ik hier getuige van de verrichtingen van een heuse waternimf? Ik geniet van het watergeweld, en laat even de camera voor wat hij is. Ik ga op de rotsen zitten, en terwijl ik op mijn gemak een mars wegwerk neem ik het schouwspel in me op. Soms denk ik wel “verdomme, die had ik moeten hebben”. Om vervolgens te denken: “maar ik heb hem wel gezien.”.

Ik kan hier nog lang blijven zitten, want het perfecte moment zal ongetwijfeld nog komen. Maar wat is perfectie? Er zal altijd iets beters, iets meer spectaculair of op een andere manier gebeuren wanneer ik er niet bij ben. Ik besef dat het als fotograaf vaak aankomt op locatie, omstandigheden, inspiratie, geduld en zeeën van tijd. Tijd heb ik vandaag genoeg, ik hoef nergens heen, maar inspiratie en geduld worden nu toch wel een dingetje. Tijd om mijn spullen te pakken en nieuwe horizonnen gaan vinden.
Nog even loop ik langs Brimkettil. De hoek waarin de golven het badje raken is ondertussen iets veranderd, en de golven slaan net wat mooier over de rand van het badje heen. Nog één keer haal ik hier mijn camera tevoorschijn alvorens terug te lopen naar mijn camper, hem los te rijden uit het mulle zand.

Nog even naar de kerk
Voordat ik naar een camping vertrek neem ik nog even de afslag naar het kerkje Krýsuvíkurkirkja. Núpsstaður heeft de naam de kleinste kerk van IJsland te hebben, maar ik geloof dat deze kerk niet veel groter, misschien zelfs wel kleiner is. Het bijzondere aan het kerkje is niet de vorm. De enige twee kerken die ik ken in IJsland die het van vorm en architectuur moeten hebben zijn volgens mij Hallgrímskirkja in Reykjavik en de kerk Stykkishólmskirkja. Of je de architectuur nu mooi vindt of niet, bijzonder zijn ze zeker. Misschien kan ik de kerk van Akureyri nog in de lijst opnemen.

Het bijzondere aan deze kerk is de ligging in het landschap. Gelegen op een heuvel, omgeven door heel veel ruimte maakt het kerkje bijzonder. Ik had er graag wat mooier licht op gezien, maar helaas, het is IJsland, en de vijf minuten regel is niet van toepassing. Ik maak er onder de omstandigheden het beste van, en rijd naar Gata de enige gratis camping van IJsland maar niets minder dan veel campings waarvoor je gewoon moet betalen. Ik heb er een rustige en donkere nacht.
Dan nog even dit
Bedankt voor het lezen van dit bericht. Als schrijver en fotograaf vind ik het belangrijk en fijn om wat feedback te krijgen. Al zijn het maar twee of drie woorden. Een like is natuurlijk al leuk, maar een paar woorden over hoe je het vond zijn een boost voor mijn motivatie om met plezier te blijven schrijven.
Alvast bedankt!

Lees ook de nieuwste publicatie van Gerry van Roosmalen:
In het spoor van het licht.
Een boek met overpeinzingen, inzichten en een schepje humor.
Waargebeurde verhalen langs een fictieve reis
Staat IJsland op je verlanglijst? (Zou wel moeten) Denk dan eens aan IJslandTours. Veel enthousiasme, veel kennis, vriendelijk en behulpzaam.
