Menu Sluiten

Een nieuwe oude ervaring

De camper wiegt heen en weer door de razende wind die niet goed weet of hij aan de camper moet duwen of trekken. Voor mij is het een bijna zen moment. Het zachte schommelen werkt ontspannend, en het geraas van de wind onderdrukt ieder ander geluid. Het is verleidelijk om in bed te blijven liggen, maar alles in mij zegt dat het tijd wordt om mezelf in beweging te zetten.

Het geeft rust te weten dat ik niets hoef, maar het vereist daardoor net iets meer discipline om in beweging te komen. Ik controleer even het weerbericht. In het noorden, waar ik heen wil gaan, is er veel regen. In het zuiden een beetje regen, maar ook veel droge momenten. Ik spreek mezelf even streng toe, sla het dekbed opzij, en zet mijn eerste stap in deze dag. De thermometer vertelt me dat het iets meer is dan 11 graden. Eergisteren huiverde ik al bij 16 graden, en nu voelt 11 graden niet eens echt koud.

Een uurtje later verlaat ik de camping, en rijd richting het zuiden op zoek naar de Beljandifoss. Het is geen hele bijzondere waterval, maar wel één die ik nog niet eerder gezien heb, en door zijn ligging, redelijk uit de doorgaande routes verwacht ik ook geen drukte.

De wind die mij vannacht in een ontspannen ´zijn´ bracht, brengt me nu in een continue staat van paraatheid. Ook nu rukt en trekt hij aan de camper, maar op de weg is dat minder handig dan stationair op een camping.

Een paar kilometer voor Breiðdalsvík verlaat ik de doorgaande weg, waar het asfalt al snel plaats maakt voor gravel. Steeds dieper leidt de navigatie mij weg van de hoofdweg, zelfs zover dat ik niet geloof dat ik nog goed zit. Twijfel maakt zich meester van mij, en wanneer de navigatie aangeeft dat ik er al ben, ben ik ook nog eigenwijs genoeg om hem te negeren en door te rijden. ´Hier is niets, dus ik moet vast nog wat verder doorrijden´.

Na ongeveer vier kilometer verder door te hebben gereden, waarbij ik nog steeds niets zie wat op een waterval zou kunnen wijzen, kijk ik nog eens goed op de kaart. Ik was ervan uitgegaan dat de waterval vanuit de bergen zou komen, maar nu ik nog eens goed op de kaart kijk, realiseer ik me, dat ik het bij het verkeerde eind had. De waterval ligt meer op het vlakkere deel. Ik keer de auto, en rijd terug naar de plek waar mijn navigatie de eerste keer al aangaf waar ik moest stoppen.

Na weer eens vier kilometer parkeer ik de camper. De kaart geeft nu aan dat ik nog ongeveer anderhalve kilometer mag wandelen. De wind is nog steeds stevig. Ik begin aan de wandeling, en laat de camper alleen achter met de wind als zijn speelkameraad, al kan ik misschien beter spreken over zijn danspartner waarbij de wind leidt.

Ik trek de capuchon van mijn jas over mijn hoofd, en trek de koortjes strak aan. De zonnebril is ook geen overbodige luxe. Tegen de wind in is zelfs iedere ademhaling een uitdaging. Zodra ik mijn mond open lijkt het alsof de wind alle lucht uit mijn longen wil zuigen.

De waterval is ongeveer vier meter hoog, en als ik bij de voet van de waterval aankom bevind ik me in een relatieve beschutting van de wind. Het waait nog steeds, maar de capuchon kan af, en ook de zonnebril verdwijnt in mijn zakken. De waterval zelf is voor IJslandse begrippen niet spectaculair te noemen, maar door zijn ligging, met in de achtergrond besneeuwde bergtoppen, wint de setting het van het spektakel.

Ik kijk om me heen, en besef dan dat ik hier helemaal alleen ben. Het IJslandgevoel dat ik twintig jaar geleden had, komt weer terug. Het idee dat je alleen op de wereld bent, dat deze waterval even van mij is, en dat ik hem met niemand hoef te delen. Niet iedereen zal dat begrijpen. Wie vindt het nu heerlijk om alleen te zijn? Ik zou iedereen deze ervaring willen gunnen.

Niet altijd, niet iedere dag, maar soms leer je jezelf beter kennen wanneer je helemaal op jezelf bent teruggeworpen.

 

Lees ook de nieuwste publicatie van Gerry van Roosmalen:
In het spoor van het licht.
Een boek met overpeinzingen, inzichten en een schepje humor.
Waargebeurde verhalen langs een fictieve reis