Menu Close

Gjaín, op bezoek in een sprookje van Grimm

Gjaín, fonetisch geschreven lijkt het wat op Kjouwin, maar dan met een zachte K. Gjaín is nergens groot in. Het heeft een aantal basaltconstructies, een aantal ruige rotsen, kromgegroeide berkenboompjes, een meertje, een riviertje en wat kleine watervalletjes. De manier waarop deze elementen zijn samengevoegd, geven je echter het idee in een groot sprookje te wandelen.

De stormen van de afgelopen weken, hebben al genadeloos afgerekend met de afgestorven blaadjes van de kromgegroeide berkenboompjes. Lager in het landschap, stromen de kleine watervallen tussen weelderig groen mos, en bruine grashalmen. Tussen de kale kromme takken zou ieder moment een heks, een trol of een boze fee tevoorschijn kunnen springen, en een vloek over je uit kunnen spreken. Beneden bij de waterval is het domein van Tinkerbell, sneeuwwitje, en wie weet een paar van de zeven dwergen.

Een (kort) moment van bezinning

Het kan ook bijna niet anders dan dat je in deze omgeving tot rust en bezinning komt. Er is één punt waar ik bijna altijd als ik hier kom, als eerste naar toe loop. De watervalletjes hier vormen tesamen zo´n mooi decor dat ik qua fotograferen altijd wat gretig wordt.

Ik heb net mijn camera opgesteld, het licht gemeten, mijn “droomlandschapsfilter” op de camera geïnstalleerd als aan de overkant van de rivier plots een fotograaf aankomt, en zijn statief precies in “mijn” foto opstelt. Even verdwijnt mijn moment van rust en bezinning, en vervloek ik de rode jas aan de overkant.

Ik richt me even op een paar andere elementen in het landschap, en ben opgelucht als ik zie dat de rode jas uit het zicht verdwijnt. Tegelijkertijd met zijn verdwijnen, arriveren twee nieuwe fotografen. Snel schiet ik mijn “beelden”, maar zie ook dat deze twee heren iets minder lef hebben en zich niet wagen op de natte gladde ondergrond. Ik krijg en neem de tijd en ruimte voor het maken van mijn shots.

Soms ben ik snel tevreden

Na deze shots ga ik op zoek naar de gemiste kansen van mijn vorige bezoeken. Er is altijd meer te zien in een landschap dan je op het eerste gezicht zou zeggen. Het verschil tussen kijken en zien. Als fotograaf ben ik altijd bezig met kijken en proberen te zien wat anderen hebben gemist. Als het mij dan lukt om dit zien, om te zetten in een mooie plaat, heb ik voldoende aan één goede foto om met een brede lach op mijn gezicht de nacht in te gaan, op weg naar een volgende dag.

 

 

 

Een onbekend stukje kust

Een tip die we kregen van onze gastheer, Frans in Borgarnes is de kust bij Melasveit. Wie heeft daar ooit van gehoord? Ik kwam regelmatig langs de afslag als ik van Akranes naar Borgarnes reed, maar nam nog nooit de moeite om de afslag te nemen.

Melasveit is dan ook niet meer dan een verzameling boerderijen. Dat de kust hier bijzonder is weten volgens mij alleen de IJslanders. De kust wordt wel beschreven in een van de IJslandse wandelgidsen, maar is zover ik weet nooit vertaald.

“Ga wel bij laag water”, zij Frans, anders kom je niet voorbij de bocht.

Eb

Het is dan ook laag tij als we de afslag naar Melasveit nemen. Op de gok nemen we de afslag naar een van de boerderijen om na te vragen vanwaar we het beste kunnen vertrekken. Als de deur open gaat stormen meteen twee honden naar buiten. De jonge dame die de deur opende legt ons uit waar we heen moeten gaan, en drukt ons op het hart om niet met de auto op het strand te gaan. Nu was dat ook niet de bedoeling, en kunnen we zonder meer haar advies over nemen. We mogen de auto op hun erf parkeren, wat wel erg makkelijk is, want het enige alternatief om de auto kwijt te raken is op de smalle zandweg die ons naar Melasveit voerde.

We krijgen een hondje

Als we beginnen te lopen komt een van de honden ons achterna. Het baasje roept vanuit de deuropening, maar de hond heeft geen oog of oor voor het baasje. Wij zijn veel interessanter voor het beestje. Het baasje roept ons nog na of we het goed vinden als de hond met ons mee naar het strand loopt, en wij zeggen: “Oke, no problem”… We hebben een hond.

Al snel lopen we op een pekzwart strand waar veel rotsen in de branding liggen. Een mooi onderwerp voor enkele foto’s. Als we nog een stukje verder lopen, zien we wat de kust hier zo bijzonder maakt. Kliffen van 10 tot 15 meter hoog, met veel verschillende kleuren rotsen en zand, kleine grotjes, en zo te zien hele stukken wand die nog niet zo gek lang geleden naar beneden zijn gekomen.

De zwarte hond, die later Loppe blijkt te heten vanwege een wit voetje loopt trouw met ons mee, of soms ver voor ons uit. Maar hij laat ons niet uit het oog. Als wij te langzaam lopen komt hij weer even naar ons met zo’n blik van schiet nu toch eens op.

Wij blijven echter ons eigen tempo lopen. De omgeving in combinatie met dreigende luchten vraagt om veel aandacht van “de fotograaf”. Het valt niet altijd mee om alles in één beeld te vangen. De contrasten zijn vaak te hoog, en ik moet keuzes maken hoe ik de kust zo mooi mogelijk in beeld breng. De rood/oranje kleuren in de wand zijn prachtig, maar moeilijk in een bijzondere compositie vast te leggen.

 

Tevergeefs proberen droog te blijven

We blijven te lang op het strand rondlopen en willen alles in ons opnemen. Dan valt het mij op dat een van de rotsen die net op het strand lag, nu bijna onder water is verdwenen. Hele stukken waar we straks nog wandelden zijn plots verdwenen en hebben plaats gemaakt voor water. De vloed komt op, en wij hebben nog maar beperkte tijd om weer droog voorbij de bocht te komen. We versnellen onze pas en komen zo droog voorbij de bocht, tenminste we zouden droog voorbij de bocht zijn gekomen als het ondertussen niet keihard was gaan regenen.

Loppe had er voor kunnen kiezen om hard naar huis te lopen en zich bij de kachel op te warmen, maar hij kiest voor ons gezelschap. Bij de boerderij nemen we afscheid van Loppe, en rijden we terug naar Borgarnes.

 

Weer samen

 

Vandaag staat er niets in de planning. Een goede dag om wat achterstallig werk weg te werken. Ik hoef pas om 12:00 uur mijn kamer in hotel Eyafjallajökull te verlaten. Hoewel het mooi weer is neem ik rustig de tijd voor een ontbijt, en ga dan terug naar mijn hotelkamer om te werken aan mijn blog. Het geeft veel voldoening als ik mijn blog teksten een beetje dichter bij de actualiteit kan brengen.

Rond 12:00 uur verlaat ik het hotel en rijd eerst maar eens richting Gluggafoss. Een waterval waar ik al vaker was, maar waar ik nu op slechts 10 kilometer afstand van heb overnacht. Bovendien zijn er een paar wegen die ik eens wil afrijden om te kijken of ik zo nog bij nieuwe dingen uit kan komen.

Ik sta een tijdje stil bij de Gluggafoss, maar kan geen vernieuwende standpunten ontdekken die de waterval interessanter maken. Maar het weer is mooi, het licht is goed, en er komt een grote hoeveelheid water van de waterval naar beneden.

Als ik fotografisch gezien uitgekeken ben op het moment vervolg ik de weg, op zoek naar nieuwe uitdagingen. Helaas, ik zit te laat in het seizoen, en daar waar het interessant wordt is de weg afgesloten. Ik kan niet anders dan omdraaien en dezelfde weg terugrijden.

Nog een kleine 24 uur

Morgen komt Ans naar IJsland, en kunnen we beginnen aan onze vakantie. In Hvolsvöllur zoek ik op het internet naar een geschikte accommodatie voor de komende drie nachten.  Op booking.com vind ik al snel een bungalow, in de omgeving van Selfoss die me heel geschikt lijkt. De bungalow is van alle gemakken voorzien, en heeft bovendien een hotpot. Goed voor mijn gekwelde rug natuurlijk, maar ook fijn om onze eerste avond buiten onder de sterrenhemel samen door te kunnen brengen.

Het is nog vroeg in de avond, maar toch al bijna donker als ik aankom op Kiðjaberg waar de bungalow ligt. Door wat miscommunicatie en de afwezigheid van de receptioniste sta ik iets langer achter de slagboom dan gepland, en zoek ik daarna tevergeefs naar mijn bungalow. Beide wordt opgelost door een kort telefoontje, en zo kijk ik niet veel later om me heen in mijn mooie iets te warm gestookte bungalow.

Ik maak het huis mijn thuis en vind mezelf niet veel later voor de eerste keer in de hotpot. De warmte is heerlijk, en het scheelt weinig of ik val in de hotpot in slaap. Voordat mijn ogen voor deze nacht definitief dichtvallen, weet ik gelukkig mijn bed nog te vinden.

Weer samen

Als ik wakker word is het weer omgeslagen. De regen valt met bakken uit de hemel, en de wind zweept een en ander nog flink aan. Ik gebruik de ochtend om alvast delen voor mijn boek te schrijven, dat wil zeggen om aantekeningen uit te werken. Rond 13:00 uur vertrek ik richting Keflavík. Daar moet ik de auto inleveren, en kan ik meteen een andere auto ophalen. We zitten alweer twee en een halve week verder richting de winter, dus krijg ik eenzelfde type auto, maar nu voorzien van winterbanden en spikes. Wel zo veilig.

Om 15:00 uur sta ik in de aankomsthal. Het vliegtuig is nog niet geland, en bij de balie van Hertz is het nog rustig. Mijn volgende auto is snel geregeld, en op de borden zie ik dat het vliegtuig met daarin Ans ondertussen is geland. Al snel krijg ik via Whatsapp een berichtje van Ans. Ze mogen het vliegtuig nog niet verlaten vanwege de harde wind. Als ik dan toch extra tijd heb kan ik net zo goed de auto alvast gaan inspecteren.

Het zal een snelle inspectie worden, want de wind raast over het vliegveld, en de regen striemt in mijn gezicht. Ik maak een snel rondje om de auto, en vind geen enkele schade die nog niet door Hertz is ontdekt. Ik zet mijn spullen in de kofferbak van de auto, en met de wind nu in de rug ben ik in no time terug in de aankomsthal. Ik heb me gehaast, want ik wil het moment natuurlijk niet missen dat de deuren van de aankomsthal openschuiven en Ans daar doorheen gelopen komt. Keer op keer schuiven de deuren open, en steeds weer lopen mensen door de deuropening, maar geen Ans te zien. Ik krijg weer een Whatsappje. Het kan nog wel even duren. De wind… Weer wordt mijn geduld in IJsland op de proef gesteld. Het is natuurlijk niet leuk om zo lang te moeten wachten, maar hier is moeder natuur aan het woord, en als moeder natuur spreekt, dan kun je alleen maar luisteren, en dit geval wachten.

De tijd doden

Als tijdverdrijf observeer ik de mensen die aankomen. Families die worden herenigd zijn het leukst, vooral als er kleine kinderen bij betrokken zijn. Zo zie ik diverse kleine kinderen papa of mama om de nek vliegen. Iets oudere kinderen die worden herenigd geven een wat afstandelijker kusje, en vragen meteen of papa of mama een cadeautje meegenomen hebben. Jonge stelletjes die worden herenigd zijn ook mooi om te zien. Die vliegen elkaar om de nek, zoenen elkaar hartstochtelijk, en houden elkaar vast alsof ze elkaar nooit meer los zullen laten.

Soms ook ontstaat er een heuse file van mensen. Dan gaan de schuifdeuren open en lopen de mensen elkaar achterna. Als dan de voorste niet meer verder kan stagneert de rij. De schuifdeuren gaan dan met enige regelmaat nutteloos open en dicht zonder dat er nog iemand doorloopt. Dit gaat dan zo door totdat er één uit de rij ontsnapt en een andere kant in loopt. Dan volgen er meer, en stroomt er plots veel volk de aankomsthal in.

Uiteindelijk komt Ans twee uur later dan gepland door de openschuivende deuren aangelopen. Even lijken wij ook op de jonge stelletjes die herenigd worden. Na twee en een halve week alleen telefonisch contact en Whatsapp voelt het heerlijk haar weer vast te kunnen houden en in de ogen te kunnen kijken. De storm is ondertussen grotendeels gaan liggen. We plaatsen de bagage van Ans in de auto en laten het vliegveld al snel achter ons.

Als we aankomen bij het huisje is het inmiddels aardedonker. De nacht is helder en vol met sterren. Het duurt dan ook niet lang, of we liggen samen dicht tegen elkaar in de hotpot en kijken naar de twinkelende sterren hoog boven ons aan het firmament.