Menu Close

Not The Highlights Tour

Keer op keer, keer ik terug naar IJsland. Het oerlandschap heeft mij in zijn greep en wil me niet meer loslaten. Zo zijn er diverse plaatsen waar ik nog steeds niet aan voorbij kan rijden zonder er op zijn minst even stil gestaan te hebben en minimaal één foto te hebben geschoten. Als ik er geen foto schiet ben ik er gevoelsmatig niet echt geweest.

Dit keer moet het anders. Tenminste, ik sta nu aan het begin van mijn reis en heb me voorgenomen dat het dit keer echt anders moet. Diverse highlights heb ik van mijn lijstje geschrapt. Niet dat ik er niet heen wil, maar het neemt teveel kostbare tijd in beslag. Tijd waarin ik ook nieuwe dingen wil gaan ontdekken.

Soms kan het niet anders

Ik ga er zeker niet aan ontsnappen om bij enkele highlights alsnog de auto even aan de kant te zetten, en er vervolgens misschien weer net iets langer te blijven dan gepland. Hopelijk dan wel gemotiveerd door bijzondere omstandigheden. Dat is wat ik zoek, nieuw territorium of interessante omstandigheden. Mocht er straks ergens een foto van de Skogafoss, het Jökulsárlon of wellicht Kirkjufell voorbijkomt op mijn blog, dan kon ik het toch weer even niet laten.

Nu ben ik de eerste twee weken van mijn reis even niet met “vakantie” bezig, maar met een nog geheim project waarover ik op dit moment nog even niets wil los laten. Nou ja, helemaal niets… Het gaat over een nieuw boek.

Maar goed, “Not the Highlights Tour” dus. Ik kan niet alle dagen aan mijn project werken, dus zo nu en dan heb ik een vrije dag. Deze dag moet ik vroeg in de avond op locatie zijn, dus heb ik overdag tijd om andere dingen te doen. Die andere dingen moeten wel plaatsvinden op Reykjanes. Nu is er op Reykjanes niet meer zo heel veel dat ik nog niet gezien heb, dus besluit ik af te reizen naar Krýsuvík. Niet om naar Krýsuvík te gaan, maar al zolang ik daar kom zie ik op hemelsbreed ongeveer twee kilometer afstand naar het oosten een flinke stoompluim uit de bergen opstijgen. Tijd om te onderzoeken waar die stoom vandaan komt.

De tijd nemen levert veel op

De meeste wolken zijn door de zon verjaagd, dus het weer is ideaal voor het zoeken naar nieuwe territorium. De weg brengt me eerst nog naar het Kleifarvatn, waar ik meestal de tijd niet neem om wat langer, of beter te kijken. Dit keer in het kader van “Not The Highlights Tour” dus wel. Ik ben aangenaam verrast door de mooie rotsformaties, pilaren in het water, en zelfs een ondiepe grot.

 

Het is wel vechten tegen de snoeiharde en ijskoude wind, maar het is zo enorm de moeite waard om hier wat langer te blijven dat ik dat maar voor lief neem.

Even later rijd ik Krýsuvík voorbij. Nou ja, bijna voorbij. Het vlees is zwak. Ik draai toch de parkeerplaats op. Hoe kon ik het in mijn hoofd halen hier zomaar aan voorbij te rijden? Het voelt tegennatuurlijk. Mijn wilskracht om nieuwe dingen te zien wint het op het laatste moment van mijn obsessie om hier te stoppen. De deuren van de auto blijven dicht, de motor blijft draaien, en zonder echt stil te hebben gestaan trap ik het gaspedaal weer in en rijd ik het parkeerterrein weer af.

Een paar honderd meter bij een oude nertsenfarm stuur ik de auto het parkeerterrein op. De avond gaat nog zwaar worden, dus besluit ik mijn rugzak met fotospullen niet mee te nemen. Mijn trouwe camera met één objectief moet genoeg zijn. Zonder statief, zonder back-up camera, geen andere objectieven, geen filters. Het voelt alsof ik half naakt op pad ben.

In de hoogste versnelling

Al snel vind ik een spoor dat in de goede richting leidt. Als ik “vol verwachting” ben van de dingen die gaan komen gaat de pas er altijd flink in. Door mijn hoofd spoken dan de mooie beelden die ik verwacht te gaan zien, afgewisseld met het doemscenario dat het waarschijnlijk toch niets is en dat ik hier voor niets met een flink verhoogde hartslag wandel.

Het laatste stukje van de wandeling verlaat ik het pad. Slechts een niet al te hoge heuvel staat tussen mij en mijn hooggespannen verwachting in. Het pad gaat in een wijde boog om de heuvel heen, maar ik kan niet wachten op die te langzame onthulling, en snel over de heuvel heen.

Dan sta ik oog in oog met mijn stoompluim. De stoompluim wordt vergezeld door een witblauw meertje, pruttelende gasputjes en een wit uitgeslagen riviertje met net zo’n wit gesteente. Het overtollige water wordt door dit riviertje afgevoerd. Missie geslaagd. Mijn eerste “Not A Highlight” van deze tour kan worden afgevinkt.

 

Wat betreft mijn project…

Hier alvast een tipje van de sluier…

Op pad in IJsland

 

Proloog

Voorafgaand aan de fotografiereis naar IJsland controleer ik zo nu en dan de IJslandse weersites. Ik weet dat ik dat niet moet doen. Als de voorspellingen goed zijn, of soms zelfs te goed kan ik het niet geloven en als de voorspellingen slecht zijn bederft dat toch maar mijn humeur.
Nu zijn er natuurlijk gradaties in slecht weer. Ik spreek dan ook liever van interessant weer of saai weer. Zware bewolking met hier en daar een opening voor de zon doen het bij mij een stuk beter dan een egaal blauwe lucht met een vrolijk schijnend zonnetje. Mooi voor de “groeten uit” ansichtkaarten, maar minder voor mijn fotografische aspiraties.
Toch controleer ik een paar dagen voor vertrek de site. Het is voornamelijk regen dat overheerst. Op vrijdag verwachten ze in IJsland zelfs een flinke storm waarvoor iedereen wordt geadviseerd vooral niet de weg op te gaan. Wij vliegen pas op zondag, dus de storm heeft nog twee dagen om tot rust te komen. De rest van de week ziet het er goed uit. Geen neerslag, en temperaturen onder nul. Ik hoop op watervallen met veel ijspegels.
De dag en nacht voor ons vertrek begint het plots enorm te sneeuwen in IJsland. Een pak van 51 centimeter sneeuw in één nacht is zelfs voor IJslandse begrippen erg veel. Naast de weersite controleer ik zondagmorgen voor vertrek ook maar de site van het wegennet. De weg die wij moeten volgen naar onze eerste accommodatie is afgesloten. Ik verwacht dat de sneeuw wel geruimd zal zijn voordat wij aankomen in IJsland en ga vol goede moed op weg naar Schiphol.

Schiphol

Op de afgesproken tijd zijn we allemaal op Schiphol. Zes dames en één heer die ik dit keer mag introduceren of herintroduceren met het IJslandse landschap en met een beetje geluk de Aurora Borealis.

Tijdens het inchecken is er nog geen nieuws over vertragingen. Een van mijn gasten krijgt dan een Sms’je van het thuisfront dat onze vlucht een uur vertraging heeft. Bij zo’n bericht begin ik meestal al te rekenen. Een uur vertraging betekend dat we het bezoek aan de vuurtoren van Akranes naar een andere dag moeten verzetten. Uiteindelijk kunnen we anderhalf uur later dan gepland toch boarden. Helaas is het wachten dan nog niet voorbij. Voordat we toestemming krijgen om te vertrekken gaat er nog meer dan een half uur voorbij.

Na ruim twee uur wachten hangen we dan eindelijk in de lucht. Als we een kleine drie uur later de kust van IJsland naderen krijgen we van de gezagvoerder het bericht dat de landingsbaan schoongemaakt moet worden. We mogen nog even cirkelen boven IJsland. Vanaf onze hoogte hebben we een mooi uitzicht op het uiterste puntje van Reykjanesta zodat dat ook geen straf is.

Niet veel later staan we bij de bagagebanden te wachten op onze koffers. Er is een enorme drukte in de bagagehal. We zijn waarschijnlijk niet de enige die behoorlijk wat vertraging hebben opgelopen tijdens onze reis naar IJsland. Het geeft ons ruim de tijd om alvast wat plaatselijke valuta uit de automaat te halen. Als we door de douane komen zijn we bijna drie uur later dan gepland op onze bestemming.

Bij het kantoor van Hertz haal ik de sleutels van onze bus. Een ruime Ford die beschikt over voldoende stoelen zodat iedereen ruim kan zitten en een apart deel waarin al onze koffers passen waardoor ik niet met een aanhanger hoef te rijden. Dat is wel zo relaxed. Na een klein oponthoud omdat de microfoon niet goed werkt en deze moet worden omgeruild gaan we op weg naar ons eerste onderkomen, Ensku Húsin vlak bij Borgarnes.

Voordat we gaan rijden bel ik nog even met Ensku Húsin om aan te geven dat we op zijn vroegst om 21:30 aan zullen komen in verband met de vertragingen op het vliegveld. Ik had niet anders verwacht, maar het is voor hen geen enkel probleem. Ze zullen er voor zorgen dat we bij aankomst alsnog kunnen genieten van een heerlijk diner.

Achteraf hoor ik dat er door IJsland Tours ook al is gebeld naar Ensku Húsin om door te geven dat we behoorlijk wat later zullen aankomen. Het is fijn om te weten dat je op pad bent met een organisatie die goed voor je zorgt en meedenkt op het moment dat dingen niet helemaal gaan zoals je gepland had.

Een paar minuten na half tien zijn we op de plaats van bestemming. Nadat iedereen alvast zijn koffers naar de kamers heeft gebracht nemen we plaats aan tafel. Onder het genot van een heerlijke maaltijd komen we weer een beetje bij. Het was een inspannende tocht over ijzige wegen, maar onze auto heeft zich er dapper doorheen geslagen.

De eerste week

Hoewel ik me bij aanvang van iedere reis voorneem om dagelijks aan mijn blog te werken, komt het in de praktijk maar weinig voor dat me dat ook daadwerkelijk lukt. Er zijn redenen genoeg te bedenken om niet te schrijven of niet aan je foto’s te werken. Het weer is te mooi, de avonden zijn te gezellig, de laptop is zo langzaam dat ik niet wil beginnen, ik kan mijn ogen niet openhouden of ik ben in de avonduren nog steeds aan het fotograferen.

Iedere reden op zich is al voldoende niet achter de laptop te kruipen, maar vaak is het ook een combinatie van verschillende redenen.

Maar goed, ik zit nu in mijn hotelkamer in Akureyri. Hier had ik me voorgenomen om mijn blog bij te werken. Tijd genoeg. Vandaag heeft iedereen een dag ter vrije besteding. Ik dus ook, en Akureyri is niet groot. Helaas beschikt mijn kamer niet over een fatsoenlijk bureau en/of bureaustoel zodat ik mijn laptop op schoot moet nemen en moet wissellen tussen een stoel met te hoge armleuningen waarbinnen ik mijn armen niet kan bewegen zodat ik in een verkrampte houding moet proberen te tikken, om vervolgens maar weer op het bed ga liggen voor een volgende foto en of passage in de tekst. Nu zit ik op een stoel/poef zonder rug en of armleuning met mijn laptop op een glazen tafeltje van ongeveer 30 bij 60 cm welk bij iedere toetsaanslag bijna in elkaar dreig te zakken.

Niet vreemd voor een hotelkamer? Wel als je je realiseert dat ik in een hotel zit wat buiten het seizoen in gebruik is als school waar kinderen intern zitten. Ik heb nu al medelijden met de student die onder deze omstandigheden aan zijn huiswerk zal moeten werken.

Hoewel dit ook weer een reden zou kunnen zijn niet aan mijn blog te werken heb ik besloten et toch maar een kans te geven op zijn minst een begin te maken.

We hebben een voorspoedige vlucht gehad en doordat we de omstandigheden mee hadden zijn we eerder op Keflavik dan verwacht. Bij de bagageband gaat het mis. Op één koffer na heeft iedereen zijn bagage. Het enige wat we verschillende keren op de band voorbij zien schuiven is een koffer die erg lijkt op de koffer van een van mijn gasten.

Twee zaken maken dit tot slechts een klein incident. De gast in kwestie maakt zich niet zo druk en gaat ervan uit dat het wel goed komt. Ook heeft zijn vrouw de spullen van hun beide verdeeld over twee koffers zodat ze toch voor hun beide voldoende spullen hebben om de komende dagen door te komen.

Na aangifte bij de juiste instanties vertrekken we dan ook naar de Blue Lagoon waar de meeste van de gasten zich overgeven aan de omarming van het warme water.

De tweede dag begint met een stadstour door Reykjavik. Ik laat de in mijn ogen belangrijkste gebouwen en plaatsen van de stad zien, geef ze een plattegrond van de stad zodat bij beeindiging van de stadstour iedereen gericht op zoek kan naar de plaatsen die ze willen bezoeken. Enkele zaken die we bezochten tijdens de tour zijn,

001 reykjavik2

Perlan met voor de ingang deze prachtige voorstelling van een band.

002 harpa

Harpa, het nieuwe congres en muziekcentrum van IJsland.

003 hallgrimskirkja

Hallgrimskirkja, een van de bekendste gebouwen van Reykjavik.

004 reykjavik1

Zomaar een gebouw, maar wel mooi verlicht in de avond.

005 solfar

En natuurlijk Solfar. Voor mij altijd vast in het programma. Ik ben niet in Reykjavik geweest als ik hier niet even ben gestopt. De laatste foto’s zijn gemaakt toen ik in de avonduren nog zelf een bezoekje bracht aan de stad om in het semidonker wat sfeerplaatjes te schieten.

De volgende morgen gaat de tocht naar Þingvellir waar ik een en ander mag vertellen over het IJslandse parlement dat hier in 930 werd opgericht. Natuurlijk verlaten we Þingvellir niet voordat we ook een bezoek hebben gebracht aan de Öxaráfoss.

007 oxarafoss

We rijden met de bus over de Kaldidalur, de koude valei. Een mooi stukje binnenlandweg met mooie vergezichten en een helaas steeds sneller slinkende gletsjer de Langjökkull.

005a kaldidalur

Eenmaal voorbij Kaldidalur is het maar een korte afstand naar de Hraunfossar. Hoewel ik daar natuurlijk ook dit keer weer een paar plaatsjes heb geschoten van de waterval plaats ik dit keer geen waterval foto´s. De volgende foto is een stuk touwlava waar een fotogenieke barst doorheen liep.

008 lavaveld

Dannog deze hoop stenen waarbij ik in de vormen onmiskenbaar ………… herkende. Wat herken jij?

008b stelletje

Een paar uurtjes later zijn we bij Ytri Tunga waar meestal wel een paar zeehonden te vinden zijn. Dit keer helaas niet heel dichtbij, maar wel dichtbij genoeg voor een plaatje.

009 zeehonden

Het kerkje van Budír blijft ook altijd mooi om te vereren met een bezoek.

010 budir

Bij Arnarstapi wandelen we naar het plaatsje Hellnar. De wandeling is slechts 2,5 kilometer, maar als je onderweg een en ander wilt fotograferen mag je gerust rekenen op een wandeltijd van 1,5 uur. Deze tijd nemen we dan ook. Het weer is toch veel te mooi om in de bus te gaan zitten.

010b arnarstapi

We checken in bij hotel Stykkisholmur waar ik na het diner nog even de straat oversteek om de kerk te fotograferen. De kerk is ergens gebouwd in de jaren 80/90 van de vorige eeuw, en was toen qua architectuur zijn tijd volgens mij al ver vooruit. Ook nu doet het voor mij nog steeds erg modern aan.

011 stykkisholmur

De volgende dag rijden we over een gravelweg verder naar het noorden. Na een paar tussenstops voor het strekken van de benen en het nemen van wat foto’s komen we aan bij Gauksmyri. Hier kijken we naar een paardenshow waarin wordt gedemonstreerd waar de IJslandse paarden allemaal in staat zijn. En hoewel de koets nooit onderdeel is geweest van gebruikte vervoermiddellen in IJsland wordt er even kort aandacht aan besteed. De hond was geen onderdeel van de show, maar was waarschijnlijk op zoek naar een beetje aandacht. Alsof hij erbij hoorde liep hij de hele ronde onder het span door.

012 gauksmyri

Ze zijn niet erg groot, maar kunnen toch tot behoorlijke snelheden komen. Op deze foto heeft het paard slechts 1 been aan de grond.

013 gauksmyri

Nog een korte stop bij de Kolugljufur.

014 kolugljufur

De haven van Sauðurkrökur waar we gingen kijken naar de stokvis maar waar andere elementen ook de aandacht vroegen.

015 haven

 

016 haven

Vandaag dus Akureyri. Morgen gaan we verder naar onder andere Husavik, maar te zien aan de lucht even zonder het zonnetje.

It’s an Adventure

Als je op Schiphol al hoort dat het vliegtuig een half uur vertraging heeft, begint bij mij het tellen. Na aankomst op Keflavik wil je graag de fotografen kennis laten maken met IJsland. Voor mij is er geen betere manier dan te beginnen bij het hete bronnen gebied van Krýsuvík. Maar met een half uur vertraging heb je al vrijwel geen marge meer wil je ook nog op een beetje normale tijd aankomen bij het eerste hotel. In dit geval Hotel Anna, even voorbij de Seljalandsfoss.

Aangekomen op Keflavik is de volgende hobbel het ophalen van de auto. Voor ons staat een Mercedes Sprinter klaar, en ik ben zelfs redelijk snel aan de beurt. al na 20 minuten zitten we in de auto klaar voor vertrek. Maar ik rijd geen meter voordat ik zeker weet dat alles werkt. Te beginnen met de microfoon. Het is niet bevoderlijk voor mijn stem als ik zonder microfoon mijn verhalen moet vertellen en uitleg moet geven. Dat heb ik een keer geprobeerd, en hoe hard je ook roept, achterin de bus zal niemand je verstaan.

ik pak het doosje met de microfoon, en zie dat het nummer 11 is. De alarmbellen gaan al klinken. Die heb ik de vorige keer dat ik in IJsland was terug gebracht omdat hij niet werkte. Mijn vermoeden toen was een defecte zekering. Ook dit keer blijkt het ding niet te werken. Omdat ik vanwege de microfoon niet teveel oponthoud wil hebben ren ik naar binnen in de hoop hem snel om te kunnen ruilen. Dat gaat niet lukken, want een reserve microfoon is niet voorradig. Ik laat de jongen achter de balie zien dat het enige defect aan het apparaat een zekering is, en als hij die even vervangt ik zo weer op weg kan. Helaas, op het vliegveld is zelfs na drie telefoontjes geen zekering te vinden. Ik neem het defecte apparaat mee en stel voor onderweg wel een zekering te kopen. Ik maak me snel uit de voeten en zo goed en kwaad als het kan schreeuw ik mijn instructies door de bus terwijl we naar Krysuvík rijden.

Ik zelf gebruik de stop bij Krýsuvík om mijn spullen in orde te maken, en even te kijken waar alle knopjes en palletjes van de bus voor dienen. Na ongeveer 45 minuten komen de fotografen onder de indruk terug van hun eerste kennismaking met het fantastische IJsland.

Door de vertragingen komen we om 20:30 aan bij het hotel waar we snel onze koffers in de kamer gooien en aanschuiven voor onze eerste IJslandse maaltijd van deze reis. Rond 22:30 duikt iedereen zijn bed in voor een welverdiende nachtrust. Morgen de eerste volle dag in IJsland, met op het programma de “Gouden Circel”

Dag 2

We beginnen ons fotoavontuur bij de kerk van Skalholt. Een stukje cultuur om de dag mee te beginnen is nooit verkeerd. Het weer is redelijk en dat zorgt mede voor enkele mooie platen.
De Faxi waterval blijft altijd een mooi schouwspel. Enthousiast storten de fotografen zich op het watergeweld van deze iets minder bekende waterval.

20140316-041

Onze volgende bestemming is de geiser Strokkur. Bij de Strokkur is het grote nieuws dat er voortaan entree wordt geheven. Om het wonder te mogen aanschouwen moet je 600 kronen betalen. Dat is geen kapitaal, maar het werkt eigenlijk wel op de lachspieren als je ziet hoe een en ander is georganiseerd. De meest moderne apparatuur is aangeschaft om de kaartjes te verkopen en te scannen. Daarnaast lopen buiten ongeveer 10 personeelsleden rond om kaartjes te scannen en te controleren dat iedereen wel een kaartje heeft. Dat kost natuurlijk kapitalen, zodat we ons allemaal kunnen afvragen of dit ooit iets gaat opleveren. We betalen dus niet voor het onderhoud, maar voor het personeel en de aparatuur.

Ondanks het grijze weer komen er toch fotografen met verassende beelden.

We rijden door naar Gullfoss. Het weer wordt er niet echt beter op, maar we zijn net op tijd om nog een paar foto’s te schieten alvorens het door hevige sneeuwval onmogelijk wordt om nog een fatsoenlijke plaat te maken, laat staan om buiten te blijven.

20140316-094

Tijdens de rit naar Thingvellir begint de sneeuwval echt zwaar te worden. het zicht is erg beperkt, maar het landschap is wel prachtig. Tijd voor een ongeplande tussenstop.

20140316-116

20140316-143

Bij Thingvellir gaan we eerst naar de waterval Oxarafoss. Hier nemen we zoveel tijd dat de Allmangja de kloof die eigenlijk de hoofdatractie van dit gebied is het moet doen met slechts een paar minuten bezoektijd. Moe maar voldaan zitten we anderhalf uur later aan ons tweede diner in Country Hotel Anna.

20140316-205

Dag 3

De dag begint zonnig, maar met een enorme koude wind. We hebben nog maar een paar kilomter gereden als de eerste stop zich aandient. Het uitzicht over het deeld bevroren water van de Markarfjlot is te verleiderlijk om door te rijden.

Onderweg naar de Gluggafoss stoppen we nog even voor een paar paardjes die gewillig voor ons poseren.

20140317-034

De Gluggafoss is geweldig om te zien in deze tijd van het jaar. Als met diamanten behangen schittert de waterval ons tegemoet.

20140317-129

20140317-177

20140317-200

De volgende plek waar we gaan kijken is de gletsjertong Solheimajokkull. Een uitloper van de Myrdalsjokull die in een hard tempo afsmelt. Normaal gesproken zie ik hem vaak in grijs, zwart en blauw, maar na de sneeuwval van de afgelopen dagen is het vooral wit. De weg naar de gletsjer is erg slecht. Er staan wel een en ander aan graafmachines die lijken te werken aan een nieuwe weg, maar vooralsnog hobbellen we langzaam in de richting van de gletsjertong. Natuurlijk is de gletsjer weer een stuk kleiner dan bij mijn vorige bezoek. Waarschijnlijk is hij daardoor ook beter te beklimmen. Nog nooit zag ik zoveel groepen mensen op de gletsjer. Wij blijven zelf een beetje voorraan en schieten onze plaatjes,

20140317-224

Omdat zowel het weer als de condities van het landschap het toelaten rijd ik op verzoek ook nog even naar de overblijfselen van de Dakoto die hier in 1973 een noodlanding maakte.

20140317-279

De skogafoss baad in het zonlicht, dus een regenboog ontbreekt niet. Er is weinig nevel en het is daarom makkelijk om een stuk dichter bij te komen zonder dat je camera meteen helemaal onder de nevel zit. Wel is het oppassen voor de aangevroren nevel op de ondergrond. Een laagje van 3 centimeter dik spekglad ijs zorgt dan je over iedere stap moet nadenken.

20140317-310

We sluiten het dagprogramma af met een wandeling naar nog een andere waterval, de Hvernufoss, alvorens terug te keren naar ons hotel. Ook hier is het pad erg glad, maar we slagen met een kleine delegatie om achter de waterval te komen.

20140317-342

Het kon nog kouder

 

We zijn op tijd onderweg vanuit ons hotel, en het beloofd een mooie dag te worden. De zon schijnt, de lucht is blauw en een zacht briesje laat de grashalmen zachtjes heen en weer wiegen. Tijdens het rijden begint de wind langzaam aan te trekken. Met enige regelmaat moet ik in mijn stuur gaan hangen om ons op onze eigen rijstrook te houden. Toch wil ik bij de Urridafoss even de benen gaan strekken en wat foto’s schieten. Bij het uitstappen blijkt het al hard nodig te zijn de bus in de juiste richting te parkeren. Met de neus naar voren is het onmogelijk om de achterdeuren open te houden. Ondanks de vergrendeling slaan de deuren steeds weer dicht. Uitstappen is wel wat moeilijker, want die deur moet tegen de wind in worden opengeduwd wat een behoorlijke krachtinspanning kost. Zo snel ik kan pak ik mijn jas achter uit de auto, doe een das om, zet mijn muts op, trek mijn handschoenen aan, zet mijn capuchon op en sta vervolgens nog te vernikkelen van de kou. Ondanks de slechts 2 tot 5 graden vorst voelt het als -20.
De Urridafoss ligt er prachtig bij. Het is een en al ijs met enkele stukken hard stromend water. Terwijl mijn vingertoppen langzaam steeds stijver en gevoellozer worden zoek ik naar steeds andere motieven in de vele varianten van de vormen in het ijs.

 

Vanaf de Urridafoss is het nog een behoorlijke rit naar de Hjalparfoss. Een mooie waterval die steeds weer de moeite waard is van een bezoek. Ook deze waterval is grotendeels bevroren, evenals het bijbehorende meer. De opgestuwde ijsschotsen maken een mooie omlijsting van het geheel.

 

Onze volgende stop zou Gjain moeten zijn. Ik had al mijn twijfels over de bereikbaarheid nadat de weg er naar toe in februari helemaal was overstroomd. Echter contact met de IJslandse Road Administration leerde ons vanmorgen dat de weg open zou zijn en geen probleem om in te rijden. Helaas, de weg is afgezet met borden. Tussen de borden hangt een touw, en de toestand van de weg verklaart ook waarom. Het verklaart alleen niet waarom we vanmorgen te horen kregen dat de weg open zou zijn.
Jammer van dit mooie natuurgebied, maar dat neemt niet weg dat we een mooie route rijden, en terug richting kust rijden terwijl de Hekla ten oosten van ons een oogje op ons houd. Onderweg houden we af en toe een fotostop. Een tijd hoeven we niet af te spreken. De wind is koud en zo hard dat je er tegenin kunt gaan hangen zonder om te vallen. Je raakt daardoor zo snel onderkoeld dat je blij bent weer in de auto uit de wind plaats te kunnen nemen.

 

Aangekomen op de ringweg wordt onze aandacht getrokken door een kleine kudde paarden. We zijn nog maar net uit de auto als ze plots in galop achter elkaar aangaan. Een beter fotomoment hadden we niet kunnen kiezen.

In de verte zien we de Seljalandsfoss die langzaam steeds verder in de zon komt te staan. Een teken dat we weer bijna “thuis” zijn. Met de camera in de aanslag gaan we richting de verijste waterval. Vele prachtige tafereeltjes aangekleed of ontworpen door het ijs liggen klaar om met de camera vastgelegd te worden. Dat blijkt in de praktijk toch een stuk lastiger. De fijne nevel van de waterval heeft voor een perfect glad bevroren ondergrond gezorgd. Het is bijna onmogelijk om zonder hulpmiddelen de items dichtgenoeg te benaderen om de foto te maken zoals die in gedachten al gemaakt is. Improviseren wordt het devies.

Bijna terug bij het hotel ligt nog een kleine naamloze waterval. We hebben nog wel even tijd en gebruiken die tijd om weer een waterval te fotograferen. Deze is bijzonder fotogeniek, en de vele ijspegels die ontstaan zijn door het doorsijpelen van water in de rotsen creëren hun eigen onderwerp.

 

 

Die avond loop ik regelmatig een keer naar buiten om te kijken of er kansen zijn voor Aurora Borealis. Helaas ik sta voor niets kou te lijden.

 

En de rit gaat weer verder

De eerste stop van deze dag is de Skogafoss. Op die paar kilometer die we hebben gereden hebben we al een voorproefje gehad op het weer. Loeiharde wind met hier en daar een zandstorm. Op de zandvlakten zien we grote wolken zand als speelbal van de wind. Af en toe zitten er zandtornado’s tussen.
In de luwte van de Skogafoss hebben we daar iets minder last van. Glibberend over de bevroren stenen zoek ik naar plekjes om de ijsformaties mooi in beeld te brengen. Dat is niet altijd even makkelijk. Op de ene plek glijd je steeds weer weg, op de andere plek wordt je drijfnat van de nevel die zich hier meteen als ijs op je jas rugzak en/of camera vastzet. Het wisselen van lenzen is dus ook vrijwel onmogelijk. Toch keer ik uiteindelijk met een tevreden gevoel de waterval mijn rug toe.

 

 

De Solheimajökull ligt er dit keer mooi bij. De afstand die we moeten afleggen om er te komen is weer groter dan mijn laatste bezoek, maar de mooie boogformaties maken dat weer ruimschoots goed. Prachtig blauw ijs dat hier geduldig wacht om gefotografeerd te worden.

Bij Reynisfjara is het weer wat rustiger. Af en toe steekt er een windvlaag op die de schuimkoppen van aanstormende golven zonder pardon terug de zee in blaast. Een mooie voorgrond voor dit prachtige stukje natuur. Zoals wel vaker is de grot dit keer niet bereikbaar. Het water staat aanmerkelijk hoger dan anders waardoor we dit keer de onderwerpen op een kleiner stukje strand moeten zoeken.

De rit van Vík naar Kirkjubaerklaustur is zwaar, erg zwaar. De wind trekt hard aan onze Toyota zodat ik mijn snelheid al snel moet laten zakken tot maximaal 70 kilometer per uur. Het is zaak het weinige verkeer dat hier komt goed in de gaten te houden, want een windvlaag betekend vaak een halve meter naar links of naar rechts te worden gegooid. Enorme massa’s zand worden over de weg geblazen. Het zicht is af en toe niet meer dan een schamele 25 meter. Angstvallig luister ik naar het getik van de harde zandkorrels tegen de zijkant van de bus. Ik kan alleen maar hopen dat de lak hiertegen bestand is.
Ik ben in ieder geval opgelucht als we kunnen afdraaien bij de Fjadragljufur waar het iets minder hard waait, of in ieder geval aanmerkelijk minder zand door de lucht vliegt. Vanaf het uitzichtpunt zie ik dat de waterval die hier drie weken geleden nog hard stroomde is veranderd in een muur van ijs.

Omstuimig Jökulsárlón

De koude wind trekt hard aan onze auto. Ik heb al mijn concentratie nodig om de auto goed op de weg te houden. Maar er is geen regen. Onze ruitenwissers kijken vandaag werkloos toe hoe we steeds dichter bij het ijsbergenmeer Jökulsárlón komen. Onderweg genieten we van het mooie licht dat schijnt op de besneeuwde bergtoppen rondom de zuidkant van de Vatnajökull.

Uitstappen doen we vandaag om beurten. Het is bijna niet te doen om aan beide zijden van de auto tegelijkertijd de deuren te openen. Ten eerste zou de complete inhoud eruitwaaien, en terwijl aan de ene kant de deur hard wordt dichtgesmeten zou hij aan de andere zijde net zo hard worden opengerukt. Er is dus ook wel wat kracht nodig om uit te stappen.
De koude harde wind gaat dwars door onze kleding heen. Gelukkig kunnen we nog wat extra laagjes aantrekken evenals mutsen en handschoenen.

Als we aankomen bij het ijsbergenmeer lijkt het alsaf al het ijs uit het meer is verdwenen en aan de oostzijde op het strand is gesmeten. Het licht er werkelijk bezaaid met de meest fantasierijke ijscreaties.

De laagstaande zon schijnt door de ijsbergen heen die zowel wit, blauw, grijs als doorschijnend op het strand liggen. De door de wind tot grote hoogte opgezweepte golven laten hun witschuimende koppen terug richting de zee blazen. Al met al een mooi decor voor het ijsbergen assorti op het strand.

De wandeling naar het strand is trouwens niet geheel zonder gevaar. Het scherpe zwarte strandzand waait hoog op. Kijken in de windrichting is onmogelijk. Moeizaam lopen we met ons hoofd afgewend naar de branding om de ijsbergen te vereeuwigen alvorens de zee ze weer in vloeibare toestand tot zich zal nemen.

In de middag wandelen we langs het meer in de richting van de gletsjer. In de richting, want om bij de gletsjertong te komen heb je wel een hele dag nodig. De wind heeft het ijs in noordoostelijke richting gestuwd. Waar je normaal gesproken vanaf de parkeerplek het ijs kunt aanraken liggen nu slechts een paar verdwaalde kleine brokjes ijs. Gelukkig ligt er noordelijker voldoende om ons fotografisch op uit te kunnen leven.

Hoewel de wind hier aan het meer aanzienlijk minder hard waait als aan zee klotst het ijs flink op en neer. Het water van het meer vormt zelfs golven die regelmatig met geweld stuk slaan op de drijvende ijskollossen wat voor fotograferen weer voldoende aanknopingspunten vormt.
Tegen de avond drijven grote wolkenvelden over die van een spectaculaire zonsondergang helaas niets overlaten.

Toch keren wij met de buit van vandaag – mooie ervaringen en mooie foto’s- tevreden naar het hotel terug.

 

De lange rit naar het oosten

Gisteren hebben we alle highlights tot aan Vík al bekeken. Dat wil zeggen, alle highlights waarbij de regen niet met bakken uit de hemel kwam vallen. Vandaag gaan we dus eerst voornamelijk rijden. Heel de nacht heeft het geregend, en ook als we vertrekken is dat niet anders. Toch genieten we van de autorit, al was het maar omdat ondanks de regen het landschap blijft boeien.
We stoppen even bij Hjorleifurshofdi. Eigenlijk voor de eenzame rots die hier aan de achterzijde is te vinden, maar door het grijze weer is daar niets van te zien.

Gelukkig wordt het vanaf hier een beetje beter met het weer. Het wordt wat lichter en de ruitenwissers kunnen weer een standje lager.
Tegen de tijd dat we aankomen bij het Eldhraun weet de zon zelfs enigszins door de wolken te breken, en zon na regen geeft altijd magisch mooi licht. Het mos op het immense lavaveld is ondanks de tijd van het jaar vol groen en daardoor een feest voor het oog en de camera. We moeten onszelf echt weer de auto insleuren en onszelf toespreken dat we wel genoeg foto’s van dit stukje IJsland hebben. Bovendien wil ik ook nog graag een stukje gaan lopen bij Fjadragljufur.

 

eldhraun

De zon weet op de meeste plekken de bodem van de kloof te bereiken. Ik ben hier al vaak geweest, maar heb de kloof nog nooit in zo’n mooi licht gezien en weten vast te leggen. Vanaf het hoogste punt hebben we een mooi zicht op de grootste waterval van de kloof. Door de grote hoeveelheid regenwater is ook deze waterval een stuk krachtiger als anders. Het heldere water dat hier normaal gesproken doorstrooms is nu vooral troebel bruin. Het geweld waarmee het zich door de smalle plekken van de kloof weet te persen werkt hypnotizerend.

fjadragljufur

Na een paar kleine fotoonderbrekingen, onder andere bij Kirkjugolf komen we aan bij Skaftafell. We willen graag naar de Svartifoss, maar zien dat de weg ernaar toe is afgesloten. De wandeling zal dus wat langer worden en starten vanaf het bezoekerscentrum. Als we de wagen daar hebben geparkeerd worden we geconfronteerd met een bord waarop staat vermeld dat ook het wandelpad naar Svartifoss is afgesloten. Tijd dus voor een korte navraag. De man in het bezoekerscentrum weet ons te vertellen dat de weg tot ongeveer kniediepte onder water staat, en dat delen van het wandelad door de regen van de afgelopen dagen zijn weggespoeld. Het geregistreerde record voor hoeveelheid regen in Skaftafell staat op 300 mm in 1 dag. Diezelfde hoeveelheid is nu gevallen in de afgelopen twee dagen en heeft voor veel overlast gezorgd.

Hoewel het pad naar de Skaftafelljökull ook gedeeltelijk is weggespoeld is deze wel te bereiken. We gaan dus naar de gletsjer. Het water stroomt nog steeds hard over het pad heen. Hele delen zijn weggeslagen en soms moet je door redelijk diep water ploegen om verder te komen. Vanaf de rotswand komen watervallen naar beneden die hier normaal gesproken nooit zijn. Oude waterlopen zijn volgelopen met puin en de nieuwe route die door het water is geschapen heeft het asfalt pad gewoon weggespoeld. Grote kiezels van grote hoogte meegesleurd liggen nu daar waar eens het pad lag.

De gletsjer zelf lijkt door de vele neerslag een opknapbeurt te hebben gehad. Nog nooit zag ik deze gletsjer zo mooi blauw en ontdaan van het vele zwarte as wat de meeste gletsjers in IJsland siert. Hoewel de zon allang weer schuil gaat achter een dikke pak bewolking genieten we van de kleurenpracht van deze gletsjertong. Als het echt te donker wordt keren we terug naar de auto. De regenbui die losbarst als we ongeveer 500 meter van de auto zijn verwijderd veranderd als snel in een hagelbui die onze net opgedroogde jassen weer helemaal doorweekt maakt. Gelukkig zijn we niet ver van ons hotel verwijderd.

skaftafelljokull

IJsland is nat… Erg nat!

Langzaam slaan de ruitenwissers van links naar rechts en weer terug naar links. Vol overtuiging en zonder te klagen halen ze bij iedere veeg de steeds weer terugkerende waterdruppels van het raam. Ook vandaag weer valt de regen met bakken uit de hemel. Toch ziet IJsland er -voor zover we het kunnen zien- weer bijzonder uit. Het eens zo fris groene gras presenteert zich nu als een gouden deken en geeft op geheel eigen wijze kleur aan het landschap.

We rijden dan ook over een van de mooiste maar wat onbekendere routes in IJsland, Thjorsurdalur. Tussen de buien door weet het landschap ons keer op keer te verleiden de auto te verlaten om het landschap fotografisch vast te leggen.

Onze eerste stop wordt de Hjalparfoss. Een mooie dubbelle waterval mond hier uit in een liefelijk meertje. Omgeven door zwart gesteente bruist het witte water ongeveer 20 meter naar beneden. Het is de regen die na ongeveer 20 minuten bepaald dat we hier alweer lang genoeg zijn gebleven. We vluchten terug naar de auto met als volgende doel het mooie Gjain. Helaas is de weg naar Gjain afgesloten. Het is ook meteen duidelijk waarom. Van een weg is hier eigenlijk geen sprake. Het regenwater heeft bezit genomen van de weg. De weg is weg.

We rijden verder in de hoop de Haifoss te kunnen bereiken, maar nemen eerst nog een andere aflag. Hoewel hier geen highlights zijn te vinden, blijkt de keuze niet slecht. Mooie vergezichten en velden bedekt met ijsformaties strekken zich voor ons uit. Het kleine beetje zonlicht dat een beetje flauw door het wolkendek weet te priemen geeft het landschap een bijzondere aanblik.

spiegeling

Aan het eind van de route komen we uit bij een stuwmeer dat bijna geheel bevroren is, en waar we met het laatste beetje zon van deze dag nog wat plaatjes weten te schieten.

waterval

De afslag naar Haifoss ziet er veel belovend uit. Dat wil zeggen; er staan geen borden om aan te geven dat de weg is afgesloten. Grote delen van de weg zijn echter opgegaan in het vele water er omheen.

Door drooggebleven stukken is de ligging van de weg nog wel te reconstrueren. Vlak bij een hut begint de weg te stijgen en wordt dan ook weer gewoon zichtbaar. Een paar kilometer lang gaat het buitengewoon goed en lijken we de Haifoss te kunnen bereiken. Helaas begint de auto dan steeds meer de grip op het zand te verliezen. Met moeite houden we de auto enigszins in het spoor, maar steeds vaker lijkt het erop dat we de strijd met de modder niet gaan winnen en vast zullen komen zitten. Er zit niets anders op dan de auto te keren en terug te rijden naar de hoofdweg. Onderweg schieten we af en toe nog een plaatje.

bij hekla

paardjes

Kilometers later komen we aan bij de Seljalandsfoss. Een paar minuten hebben we de waterval voor ons zelf. Dan komt een touringcar en lijkt het terrein bijna een festival terrein. Het is bijna grappig om te zien hoeveel verschillende kleuren (felle kleuren) regenjassen er bestaan. Bij sommige vraag ik me echt af wat de mensen dachten toen ze hem kochten. Zwarte, groene, blauwe, oranje en enkele waarvan ik niet wist dat die kleur bestond. Als even later een 10 tal zware jeeps uit de richting van Thorsmork komt aangereden is het feest helemaal compleet. Wij wandelen even naar een paar verderop gelegen watervallen, en keren pas weer terug als de bus zijn passagiers weer heeft opgeslokt en zijn route weer heeft vervolgt.

seljalandsfoss

Tegen beter weten in nemen we even de aflag naar de Skogafoss. Tegen beter weten in, want eigenlijk is het vanaf de ringweg al duidelijk dat het weer te slecht is om mooie foto’s van de waterval te kunnen maken, of zelfs maar te kunnen genieten van zijn aanblik. Een grauw grijze massa water stuwt een eveneens grauwe grijze nevel weer de hoogte in die nauwelijks in kleur verschilt van de openstaande hemelsluizen die vandaag volledig zijn geopend.

Bij Reynisfjara hebben we iets meer geluk. De wind is enorm en zweept de golven hoog op. Met donderend geweld slaan de golven stuk op het pekzwarte en vrijwel verlaten strand. In de beschutting van de berg staan we redelijk droog en eveneens uit de wind. Toch komt ook nu het gevaar van boven. De lucht boven ons is gevuld met activiteit van enkele honderden meewen. Die laten zo nu en dan wat vallen. 99% is gelukkig mis, maar zo af en toe vind je plots wat witte smurry terug op je regenjas, regenbroek of zelfs op onze camera’s. De poetsdoekjes zijn onder handbereik en regelmatig nodig.

Wat fotografie betreft zijn we helemaal hot. We hebben een zwart strand, grijze lucht, grijze golven, bijna witte meeuwen. We fotograferen nu 50 tinten grijs. Dat moet dus helemaal goed komen. Zo af en toe komt er een verdwaalde tourist het strand op, maar meestal hebben die het spectakel binnen 5 minuten wel gezien en laten ze zich terugwaaien naar hun auto.

reynisdrangar

Als wij zover zijn om te verkassen naar onze volgende fotostop loopt het strand vol met een 40 tal mensen. Waarschijnlijk is er net een bus gestopt. De durfals zijn diegene die het dichts bij de branding durven te komen en vervolgens met hun rug naar de aanstormende golven gaan staan. De durfals zijn ook diegene die even later nat tot aan hun knieeen weer afdruipen naar de bus. Een praatje met een van de andere buspassagiers leert ons dat er in de bus wel degelijk hiervoor is gewaarschuwd. Even later staat de reisleidster op het strand en neemt alle badgasten weer mee terug naar de bus. Voor ons ook de hoogste tijd om weer te verkassen.

Tussen de buien door

Het is nog donker als wij het hotel verlaten. Niet alleen zijn de dagen korter in dit jaargetijde, maar een dik wolkendeken houd het beetje zonlicht waarop we hadden gerekend ook nog voor een groot deel tegen. De planning is om naar Krýsuvik te rijden. Een bordje met de afslag naar Selantangar gooit echter roet in het eten. Dat is het voordeel van het niet werken met een planning. Je stopt gewoon zodra je iets ziet wat de moeite waard is. Bovendien is het licht even interresant geworden en willen we daarvan profiteren.

selantangar2

De overblijfselen van een oud vissersdorpje en het aangespoelde hout schetsen een mooi decor voor enkele foto’s. Terwijl krijsende meeuwen het gevecht aan gaan met de golven om wie het meest geluid kan voortbrengen zoeken wij naar de meest interresante manier om een en ander in een mooie compositie bijeen te krijgen.

Na een rondje Krýsuvik dat er met bewolkt weer een stuk minder sprankelend uitziet dan ik gewend ben rijden we via Selfoss verder naar het hete bronnen gebied van Geysir. We houden een korte stop bij de waterval Faxi.

faxi

Een korte stop is een relatief begrip. Terwijl wij ongeveer 45 minuten bezig te zijn de waterval er op zijn voordeligst uit te laten springen op onze foto’s zien we verschillende touringcars stoppen. De mensen die er uitstappen krijgen maximaal 5 minuten alvorens de bus er weer vandoor schiet richting het volgende natuurwonder van IJsland.

Wij nemen er ons gemak van en veranderen regelmatig van idee waar we nu weer heen willen gaan. Vlak voor dat ik af wil slaan naar Geyser ontspringt bij mij het brilliante idee om eerst naar de Bruarfoss te gaan. Als het 2 kilometer lange pad dat naar deze waterval leidt niet bestond uit een 20 centimeter dikke plak met modder was het idee nog echt briljant geweest ook. Er blijft voor ons niets anders over dan toch maar naar Geysir te rijden.

Voor een koude en natte wintermaand is het erg druk bij Geysir. Veel bussen en minivans laden bezoekers in en uit. Door het weer doet vooral het vlakbijgelegen souvenierswinkel annex koffiehuis goede zaken. Ook ik laat dit keer mijn camera in de tas. Een 20 meter hoge grijze stoompluim fotograferen tegen een eveneens grijze wolkenlucht levert echt geen mooie platen op.
Een kop koffie later zetten we koers naar Gullfoss.

Het blijft toch altijd weer een indrukwekkend gezicht. Het grommende geluid van het water dat over de rand naar beneden stort, de opspattende nevel en vervolgens het klotsen van het water dat zich een weg baant door de lange kloof aan de voet van de waterval.
De oevers op plaatsen voorzien van een laag ijs vormt een ander dan anders decor voor de waterval. Een mooie afsluiter voor deze dag.

gullfoss

Nordic Magazine

Begin dit jaar kreeg ik een uitnodiging van het tijdschrift Nordic om een stukje voor de zomereditie van 2012 te schrijven. Het is natuurlijk niet moeilijk te bedenken dat dit over IJsland zou gaan. Nu is IJsland nogal uitgestrekt maar ik wist al snel dat het dit keer over de binnenlanden zou moeten gaan. Een gebied dat vroeger het domein was van de vogelvrijverklaarde, de outlaws van IJsland. De abonnees hebben het tijdschrift als het goed is inmiddels in huis. Andere geïnteresseerden adviseer ik een trip naar de plaatselijke tijdschriften of boekhandel te gaan.

In hetzelfde tijdschrift staat ook een prijsvraag. Onder de goede inzenders worden drie exemplaren van Ode aan IJsland verloot.

Een van de foto’s uit het artikel: “In het domein van de outlaws